'Goeie sfeer maar de hele avond had het een ingehouden adem'
Renk van Oyen over KOE #17
Eigenlijk kun je geen betere conciërge hebben voor je kerken dan “de Kerk” zelve. Iemand met veel vrije tijd- een koster –die af en toe de plantjes water geeft, het gezellig maakt voor bezoekers, paar goedkope reproducties aan de wand. In een kerk heb je respect voor de traditie, voor God als je daar in gelooft. Respect voor de kaarsjes en de mensen die ze aansteken. En eigenlijk zou je hartgrondig willen vloeken om een mooie discussie te mogen aangaan met meneer pastoor of de koster. Héérlijk, diepfilosofische discussies over de zin van het leven, de Godsvraag en over waarheid. Meneer pastoor zal even fronsen, mocht ik mij een vloek laten ontvallen en hij zou me uitleggen waarom dat in zijn zaaltje niet de bedoeling is. Conservatisme ja, maar wel eentje met een achtergrond en de bereidwilligheid uit te leggen, steeds maar uit te leggen. De nieuwbakken koster van de Jacobskerk echter- de man met de sleutel en de gieter en de goedkope reproducties aan wand- heeft geen enkele boodschap aan uitleggen. Hij is conservatief tot op het bot en wanneer meneer wordt tegengesproken trekt hij om te sarren de stekker uit het stopcontact. Het werk van een videokunstenaar valt stil; er is geen beeld meer op het scherm. Heeft dit iets te maken gehad met de manier waarop de conciërge werd aangesproken? Heeft iemand hem gedreigd met de beelden uit de beamer zijn benen te breken? Nee, de conciërge werd tegengesproken en dus trekt hij de stekker eruit. Het is niet zo dat we niet van goede wil waren. We hebben respect voor het gebouw en zijn functie, ook de inmiddels verloren functie van kerk. Met een blik als een verhongerde gier loopt de conciërge rond en kijkt of hij zich ergens aan kan storen. Wat een vermoeiend bestaan moet dat zijn. Heeft hij nooit van bijvoorbeeld Rubensvrouwen gehoord? Of een Griekse discuswerper met een veel te kleine penis zien staan? Als het aan de conciërge zou liggen, amputeren we het veel te kleine geslachtsdeel. Eerlijk gezegd kunnen de universele rechten van de mens me gestolen worden, maar van de Kunsten blijf je af!! Iedereen, ook een meneer met een eigen zaaltje en een nog nader te bepalen relevante functie voor de stad. Is het “art” center (het betekent volgens mij nog steeds “kunst”) er misschien alleen voor activiteiten waar de eigenaar een beetje status aan kan ontlenen? Is het dan niet veel handiger gewoon mooie visitekaartjes in krulletters te laten drukken? Dat kost aanzienlijk minder geld en daar kun je alle poeha op kwijt die je maar wil.
Het is de eerste keer in de geschiedenis van klub KOE dat we te maken kregen met censuur. Ook geen discussie over mogelijk. Er mocht géén bloot zijn en geen aanstootgevend materiaal worden getoond. Nu is dat behoorlijk subjectief- wat is wel en wat is niet aanstootgevend –maar de conciërge besloot dat hij gaandeweg het contact én op de avond zelf, wel zou beslissen of het getoonde aanstootgevend was of niet. Wij zijn alleen maar bezig met esthetiek, schoonheid en inhoud. Gelukkig heeft het publiek niets van de censuur gemerkt. Uiteindelijk gaat het daar om.
De sfeer in het Jeroen Bosch Centrum was vreemd. Goeie sfeer maar de hele avond had het een ingehouden adem. Gelovig of niet, mensen komen toch in een sfeer van piëteit terecht, zij dempen hun stemmen en gaan vrijwel meteen in de banken zitten met hun gezicht naar het podium gericht. Achter het podium en een grote lap stof staat het altaar. Daarop staat een compleet assortiment toiletrollen en wegwerpbekertjes. Niemand ziet het gelukkig. Niemand die daar een sarcastische opmerking over zou maken. Ergens miste de avond op verschillende momenten wat “versnelling,” of beter gezegd een beetje pit. Toch herstelt de ruimte zichzelf en maakt de stilte kloppend. Het blijft immers een kerk, of je er nu vloekt of niet. Helaas heb ik deze avond niet álles kunnen bekijken.
Woody en Paul hebben stemmen die zo perfect bij elkaar passen dat de gelijkenis met Simon en Garfunkel even niet zoveel uitmaakt. Sterke en flexibele stemmen met mooie teksten, alleen wat meer eigen materiaal zou fijn zijn in de toekomst. De bluegrass nummers die ze brengen klinken een stuk eigener en oprechter dan de Simon en Garfunkel-nummers. Vergeleken willen worden met Paul en Art is één ding, ernaar streven lijkt me voor hen niet zo opportuun. Die gasten hebben genoeg talent in hun donder om (meer) eigen materiaal te brengen.
Rutger Zuyderveld (Machinefabriek) speelde zowaar op een vlier! Een echte oude hommel, maar dan electrisch. Waarschijnlijk zal het hier een slide-guitar heten ofzo, maar het principe is hetzelfde. De ontwikkeling van dit instrument is in Nederland (waar het een traditioneel instrument is) uitgebleven sinds de introductie ervan, en interessant genoeg komt het weder tot ons in electrische vorm vanuit Amerika. Beetje hetzelfde met Halloween. Een ín en ín Europese traditie komt in nogal gedisneyficeerde vorm vanuit dit land weer terug naar ons. Maar in dit geval is de hommel hier zeer welkom. Aangesloten op een hele batterij aan effectenpedalen en kastjes met knopjes, creëert Rutger een mooi landschap aan geluiden. Je veronderstelt meteen een ingeblikt geluid maar alles klinkt zoals een instrument ook klinkt wanneer het door mensenhanden bespeeld is. Hij gebruikt een strijkstok van een viool en een e-bow- een apparaatje met electromagneet waardoor een electrische gitaar (of ander snaarinstrument) klinkt alsof je een strijkstok gebruikt. Als je nog nooit een bourdon-klank hebt gehoord is de kans groot dat je je de eerste paar minuten zult ergeren aan de constante monotonie van de klank. Na verloop van tijd echter lijkt het ineens natuurlijk en kun je dieper gaan. Dieper luisteren naar de onderbuik van het instrument. Onwillekeurig kijk je omhoog,de gewelven van de kerk in . De electronische beïnvloeding van het geluid blijft natuurlijk klinken omdat de cadans van de grondtoon (ik vraag me ineens af of die wel bewust werd gecreëerd) een haast hypnotiserende resonans heeft die de klanken die daaroverheen worden gespeeld in zich naar binnen trekken.
Lévi Olthof (teksten/voordracht) met Eva de Boer (spel) en Daniel Valencia (gitaar) stonden in de kelder. Op het Efteling-bruggetje, zoals wij die noemde. Waar heb ik die zelfverzekerde, bijna arrogante blik meer gezien? Of beter, van wie heeft híj die afgekeken? Een interessante verschijning, deze jongen. Met meer talent dan goed voor hem is. De homo-erotische gedichten (de conciërge hadden we op dit punt even naar de andere kant van de zaal gelokt) hebben zowaar 3 bezoekers weggejaagd uit de kelder. De kracht van zijn teksten zit hem mijns inziens in de “noodzaak” ervan. Elke goeie monoloog heeft als kenmerk dat het hier en nu en meteen uitgesproken moet worden en niet kan wachten. Dat lees je ook terug in andere teksten van Lévi- ik ben er 2 tegengekomen bij Google. "Ik red me wel", had ik tegen mijn decaan gezegd. “ (Bron: De keerzijde van woorden, Levi Olthof). Ik kan me dat bij Levi helemaal voorstellen! Smaakt absoluut naar meer, deze jongen!
Fragments Of... – geluidscollage. Justin en Tony (Tony Drysen). Ik miste iets aan deze act. Iets theatraals misschien. Het miste aan dynamiek. De geluidscollage had wat mij betreft wat meer samenhang mogen hebben. Het gaf m.i. niet zoveel handvaten aan het publiek om de suggestie van chronologie of verhouding te kunnen duiden. Dat is jammer. Hierdoor duurde de act me eigenlijk te lang.
De performance “lostbox” van Marie Goeminne (Concept) en Maaike van de Westeringh blonk uit in kleine schoonheid. Een meisjesrug met bilspleet in een kartonnen doos. Op haar rug worden woorden geprojecteerd. Samen een gedicht. De heupen wiegen langzaam en spieren trekken. Het publiek was de hele avond zeer geconcentreerd. Zeker bij deze act viel dat echt op.
Jij
Kom dichterbij
Je woorden
Op mijn huid
Je vingers
In mijn ziel
En
Ik
Verdwijn.
Veel dichterbij kon je als publiek niet komen. De woorden waren niet voor het publiek bedoeld, zo voelde het; we waren toeschouwer van de liefde die voor een ander werd geuit. Ongerieflijk was het niet; De naaktheid die me aanvankelijk voyeur deed voelen werd tot een lieflijke uitnodiging te delen in haar kwetsbaarheid ten opzichte van de “aangesprokene” in het gedicht. De woorden betastten haar lichaam en ik geloof dat zij reageerde op de liefkozingen.
De “silent disco” was eigenlijk toegevoegd als noodoplossing. In het cafégedeelte mocht nl geen lawaai gemaakt worden, daar kunnen omwonenden last van hebben. Een stille disco was een mooi alternatief. Bezoekers krijgen een zendergestuurde hoofdtelefoon op, waaroverheen DJ Kuif draaide. Het resultaat was een ruimte waarin zo’n 40 mensen dansten zonder muziek. Er klonken in de ruimte vogelgeluiden en stromende beekjes.
De performance “de overdracht” van Bianca Tangande heb ik steeds een rite de passage genoemd. Het heeft nl alle kenmerken van een rite de passage. Hoewel geínspireerd op een Indonesische rituele dans, kwam het op mij over als een in en in Europese overgangsrite. Dat is ook niet zo vreemd omdat in alles wat we kennen aan sprookjes, liedjes en sagen, lokale legenden, de echo’s kunnen zien van oude gebruiken; de bomencultus, sjamanistische initiatieriten. Daarbij zijn overal ter wereld precies dezelfde stadia te onderscheiden. Als je dat eenmaal door hebt, haal je zonder problemen de kern of werkelijke betekenis van sprookjes en mythen eruit. Het mooie aan deze performance is dat- los van wat ik hier zelf op projecteer –het een dubbele overgang is; Voor Bianca Tangande gaat de performance ook over haar ouder worden, de relatie met haar dochters, van een levensfase naar de andere gaan. Vanuit de achterkant van de kerk schrijdt zij neuriënd met masker naar de voorkant, doorkruist de ruimte en komt uit voor het drieluik “de tuin der lusten” (een van de reproducties). Het masker gaat af en zij maakt een nieuw masker op haar gezicht met gipsverband. Alles gaat sierlijk langzaam. Het masker is al snel hard en teder valt het in haar handen. Het masker is een offerschaaltje geworden waarin bloemenblaadjes komen. Vervolgens schrijdt zij weer terug.
Renk van Oyen,
artistiek leider Impressariaat Oude Muziek Brabant
|
|
Wat er stond!
Tim van Rijen fotografeerde
[ klik op de foto's voor vergrotingen ]
|